Geslaagd EK

Het was afzien op het EK junioren in Hongarije. Niet alleen door de temperatuur van 30 graden en de brandende zon, maar ook door het feit dat twee weken voor de wedstrijd ons teampaard kreupel werd en niet mee kon.

Toch voltigeerde de talenten dapper verder naar de finale en werden ze 8e van de 10. Een mooie start om op voort te bouwen naar het WK in Ermelo volgend jaar.

De voormalige teamleden uit 2015 eb 2016 deden het ook niet onverdienstelijk. Zowel Lotte Geelhoed, als Arthur Seidel kwamen in de finale en Arthur eindigde zelfs in de top 10.

Echte toppers:) Op naar het volgende voltigeseizoen!

Foto’s door Danny Geelhoed

Hoe leer ik makkelijk voltigetechnieken aan?

Minder praten en meer laten doen. Dat zou het motto moeten zijn als je kijkt naar de recente ontwikkelingen in het motorisch leren. Externe focus, knowledge of results en niet te vergeten de impliciete kennisopbouw, is een flinke opmars aan het maken binnen de sportwereld. Maar wat kan je hiermee als voltigeur? Dat is niet zo moeilijk, let maar op!

Van belang is dat jouw coach weinig tegen je praat en aanspraak maakt op het zelfregulerende vermogen van het lichaam. Je wil dat het lichaam zelf gaat corrigeren bij fouten. Zonder dat je teveel moet na denken. Net als dat ons lichaam vanzelf corrigeert als je van een stoep afstapt. Dus als iets fout gaat: doe het nog een keer. Laat niemand nog feedback geven. Waarschijnlijk gaat het automatisch beter de tweede keer. Vooral als je je focust op iets in de omgeving. zwaaien naar het dak bijvoorbeeld.

Werkt dit niet? creëer dan zo’n omgeving dat het maken van fouten niet gebeurd. Of zo min mogelijk in ieder geval (foutloos leren). Bijvoorbeeld opzwaaien met behulp van een salto gordel. Zo slijpt de beweging er vanzelf in.

Of laat een video zien van de beweging, dan kan je leren middels observerend leren. Op dezelfde manier heb je ooit leren lopen.

Daarnaast is het van belang om veel te variëren. Zodat jouw lichaam in kan spelen op iedere situatie. Bedenk daarbij dat fouten maken, juist variaties zijn. Variaties waar het lichaam op in moet spelen om zich te kunnen handhaven. Hoe beter het lichaam dit kan, hoe sneller en stabieler een sporter de techniek onder de knie kan krijgen. Fouten maken is dus essentieel om te kunnen leren.

Het voordeel is dat het ‘choking under pressure‘ fenomeen minder snel optreedt en je prestaties op wedstrijden verbeteren. Je gaat namelijk op de automatische piloot en denkt niet na over wat je moet doen. Want je weet niet hoe je het doet (het is je niet stap voor stap uitgelegd), dus moet je wel vertrouwen op je lichaam en niet nadenken, maar voelen. wat je ook doet als je wandelt of fietst.

Een laatste voorbeeld methode is eindpunt leren. Bijvoorbeeld met het opzwaaien. Maak een handstand (bij voorkeur op de ton) en laat jezelf langzaam zakken tot zit. Je doet de beweging achterstevoren, waardoor je voelt welke spieren gebruikt worden en hoe de beweging aanvoelt. Dit kan je natuurlijk doen met vangers, als je nog onvoldoende kracht heb. Al is een goede handstand op de grond kunnen maken een basisvoorwaarde!

Voor meer ideeën en tips? Bestel het boek ‘oefenen is meer dan trainen‘ en leer alles over de handige inzichten vanuit de wetenschap binnen de sport!