Hoe motiveer ik mijn sporter? (3 tips)

Deci en Ryan (2002) beschrijven in hun zelfbeschikkings-theorie hoe men de intrinsieke motivatie zou kunnen aanwakkeren. De motivatie vanuit de sporter zelf. Met andere woorden: zodat jij als coach niet hoeft te trekken aan een dood paard. Wil jij ook dat jouw sporters uit zichzelf gaan bewegen? Lees dan vooral verder!

Volgens Deci en Ryan zijn er drie universele, psychologische behoeften, die bijdragen tot intrinsieke motivatie. Namelijk:

  • jezelf competent voelen; ik kan het!
  • autonomie ervaren; ik mag zelf ook meebepalen!
  • verbinding voelen met de omgeving als; jullie zijn belangrijk!

Dit klinkt misschien heel vaag. Daarom geef ik je graag vanuit mijn praktijkervaring 3 tips:

Bron: flexmonkey

1.COMPETENT VOELEN

Geef specifieke, doelgerichte en vooral positieve feedback. Goed zo is leuk, maar dan weet de sporter niet wat hij de volgende keer weer moet doen. Wat goed dat je naar het doel bleef kijken met schieten, is veel specifieker. Dan weet de sporter: dat moet ik de volgende keer dus weer doen.

2.AUTONOMIE

Bied verschillende werkwijzen aan tijdens de training. Je kan oefeningen in groepsverband aanbieden, schema’s voor thuis en oefeningen die de sporters zelfstandig moeten doen. Ook kan men bewust heel veel techniek trainingen doen of juist veel wedstrijdjes spelen. Vervolgens kan je de sporters een training zelf laten kiezen: wat werkt voor jou het prettigste?

3. VERBINDING

Voor de laatste is het van belang dat je individuele aandacht geeft. Af en toe een schouderklopje. Vragen hoe het gaat? Kletspraat over andere dingen dan sport. Gewoon omdat je de sporter belangrijk vind. Dan voelt de sporters zich mogelijk ook meer verbonden met jou als trainer, wat ten goede kan komen voor de motivatie.

Als extra tip verwijs ik naar mijn eigen boek en naar de vier inzichten van het NOC*NSF.

Dit waren mijn suggesties voor nu, heb je nog aanvullende tips of suggesties: laat je horen!