De religie die ik zie

Religie krijgt door de IS, anti-vaxxers en pedofielen in de kerk, een slechte naam. Op Facebook lees ik dat religie haat zaait, de samenleving verdeeld en leidt tot extremisme en geweld. “Als we religie afschaffen, zijn alle problemen opgelost” is de algemene deler. Als atheïst, wonende in een christelijke gemeenschap en werkende in de meest multiculturele stad van Nederland, zeg ik: zet je fobische argwaan even opzij en kijk oprecht om je heen!

Wat men ziet in het nieuws zijn (voor ons) onbekende dingen, zaken die opmerkelijk zijn en niet alledaags. Wat je in het nieuws ziet, is niet gelijk aan wat jij dagelijks meemaakt. Hoeveel onthoofdingen heb jij van dichtbij gezien? Hoe vaak ben jij belaagd als ongelovige? Hoe vaak ben jij in elkaar getrapt door een groep gelovigen?

In mijn straat wonen islamieten, atheïsten en streng gelovigen christenen. Geheel veilig en zonder conflicten. Zelfs met ongedwongen mooi weer-gesprekken en buurtbabbels. In onze supermarkt, praat de kassière net zo gezellig met een Islamitische vrouw, met hoofddoek, als met mij. Onze grootste conflicten gaan over het verkeerd gebruik van de buurtApp. Is dit alleen weggelegd voor dorpen als Moerkapelle?

Ik reis drie keer in de week met de metro naar en van Rotterdam. Vrouwen met hoofddoeken, mannen met tulbanden, blanke mensen, donkere mensen, allemaal in een kleine ruimte. In de afgelopen vijf jaar heb ik nog nooit een conflict meegemaakt. Ik zie een oudere die geholpen wordt na een val, een zwangere vrouw die moet blijven staan en papieren kranten die gelezen en vergeten worden. In de metro zie ik de echte maatschappij.

Laten we vervolgens de oogkleppen van massahysterie afzetten. Dan kunnen we drie groepen onderscheiden; extremisten, gelovigen en ongelovigen. Naast extremisten in het geloof, bestaan deze ook in de voetbalwereld en in het uitgaansleven. Allemaal uit op geweld. Waardoor ze hun groepsgenoten een slechte reputatie geven. Dit zijn geen gelovigen, maar psychopaten die een excuus nodig hebben.

foto: Bram Hanemaaijer

Dan de gelovigen: toen mijn gezin door een moeilijke tijd ging, vingen kerkelijke vrijwilligers ons op, waar de gemeente tekort schoot. In Delft staat een Christelijk buurthuis ten midden van studenten- en bejaardenflats. Iedere vrijdag kan men er tosti’s en taart eten of ‘s avonds aanschuiven voor het diner. De middagsoep komt van een Marokkaanse man, de eigenaar is getrouwd met een Amerikaanse en er woont een geadopteerd meisje uit Nigeria. Ieder geloof, iedere taal, maar vooral ieder mens is daar welkom. Een religieuze buurtgemeenschap, waar religies samen komen en de gemeenschap versterken.

Dan hebben we de ongelovigen. Zij hebben het recht om ongelovig te zijn en te blijven. Maar ook op correcte informatie. Daarom zouden iedereen, gelovig en ongelovig, juist leren moeten over elkaars geloof om het onbegrip voor elkaar te verkleinen. Een school is de ideale professionele pedagogische setting om, in ieder geval, kinderen te leren over verschillen en gelijkenissen tussen iedereen. Dat is een verrijking voor ieder kind.

De strekking van dit pleidooi is dat religie gemeenschapszin en sociale binding kan brengen. Juist in de decembertijd komt deze binding naar voren. Al onze decemberfeesten hebben tenslotte wortels in religie of geloof. Dat is ook de kern; religie is niet het probleem, het respecteren van elkaar en samen de wereld beter willen maken is wel de enige oplossing.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *