Op zoek naar soortgenoten

Vrijdag had ik een heel interessant gesprek. We hadden beide een roerige tijd achter de rug en waren nu op zoek naar betekenis en geluk. Het doel was helder, maar vast stond ook; dit konden we niet alleen! Maar op het moment dat je afhankelijk bent van een ander, begint het probleem. Niemand is zoals jij, niemand denkt zoals jij of wil hetgeen jij wilt. Hoe kan je dan medestanders vinden om je project te laten slagen? Heel simpel: je moet op zoek naar soortgenoten!

Soortgenoten zijn mensen die jouw passie delen. Die enthousiast worden van jouw idee. Hun ogen gaan stralen, hun hart gaat sneller kloppen en jullie idealen zijn gelijk. Toch kunnen jullie als mens ongelijk zijn. Waar de één goed is in creëren, is de ander goed in organiseren. Daarnaast zijn er ook mensen die gedetailleerd werken of juist kijken naar het grote geheel. Dat maakt allemaal niet uit. Wat van belang is, is de betrokkenheid. Hoe graag wil de ander dat jouw idee slaagt? Hoe betrokken en begaan voelt de ander zich met jouw plan of project?

Op tijd deze betrokkenheid herkennen is essentieel. In een eerste gesprek merk je dit aan de energie van de ander. Enthousiasme, de klik en de aanzet tot vervolg. Toch verliezen mensen zichzelf wel eens in hun enthousiasme en bedenken ze zich later. Afname van tijd, inzet en bereikbaarheid zijn de eerste waarschuwingssignalen. Dan is het tijd om aan de ander te vragen of hij het idee nog wel ziet zitten? Of diegene er wel tijd voor heeft? Of het op dit moment wel uitkomt? Anders saboteert de ander ‘onbedoeld’ jouw ideaal, door er geen prioriteit van te maken. Wat het voor jou wel is.

Een ander waarschuwingssignaal is iemand die zijn afspraken niet nakomt of zijn taken niet uitvoert. Dan is iemand duidelijk een bijdrager. Die zijn leuk om er extra bij te hebben, maar moeten niet één van de karrentrekkers zijn. Zo iemand is fantastisch om een keer mee te laten denken of te laten helpen bij deeltaken, als diegene kan. Maar besef je dat dat, het is. Meer moet je van deze persoon ook niet verwachten.

Tegenpolen moet je niet mijden, maar ook niet omarmen. Het is goed voor de kritische noot, maar laat je niet ontmoedigen. Zoals Theodore Roosevelt al zei in 1910:

“It is not the critic who counts; not the man who points out how the strong man stumbles, or where the doer of deeds could have done them better. The credit belongs to the man who is actually in the arena, whose face is marred by dust and sweat and blood; who strives valiantly; who errs, who comes short again and again, because there is no effort without error and shortcoming; but who does actually strive to do the deeds; who knows great enthusiasms, the great devotions; who spends himself in a worthy cause; who at the best knows in the end the triumph of high achievement, and who at the worst, if he fails, at least fails while daring greatly, so that his place shall never be with those cold and timid souls who neither know victory nor defeat.”

Met andere woorden: zolang je niet zelf in de arena staat en je handen vuil maakt, kan je ook niet uit ervaring spreken. Wat is dan de waarde van jouw feedback?

Kortom zoek mensen die jou versterken. Die energie geven en jouw passie delen. Leer van kritiek, maar blijf in jezelf geloven. Uit ervaring weet ik dat dat laatste altijd makkelijk is met een soortgenoot:)

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *